Humanisering van de arbeidsvoorwaarden is tegenwoordig mondgemeen. Naar die humanisering werd vroeger al steeds gestreefd door de leiders van de spoorwegnetten, en vooral van de NMBS. Een van de meest opzienbarende en bij het publiek best bekende maatregelen was onbetwistbaar de vervanging van de stoomtractie - die nochtans nu fel in de gunst staat - door dieseltractie op de niet-geëlektrificeerde lijnen. Wie herinnert zich nog onze kranige stokers, die 3 tot 5 ton kolen tijdens hun (…)
Articles les plus récents
-
Een trein voor vernieuwing van sporen en dwarsliggers : de p811 matisa
10 januari 2008, door Rixke -
Mechanisering van de grote spoorvernieuwingswerken
10 januari 2008, door RixkeSinds verscheidene jaren is het beleid van de Directie van de Baan erop gericht de spoorwerken te mechaniseren. Werkzaamheden zoals het onderstoppen en ziften van ballast en het vernieuwen van spoorstaven en dwarsliggers, die lange tijd zware handenarbeid vergden, werden meer en meer vervangen door gemechaniseerde arbeid dank zij onderstop-, niveleer-, richt- en ziftmachines die de desbetreffende verrichtingen automatisch uitvoeren, In 1978 heeft de NMBS twee speciale treinen aangekocht, een (…)
-
Het probleem der overwegen
10 januari 2008, door RixkeWanneer de modernisering van een lijn wordt bestudeerd, komt, ongetwijfeld, op de eerste plaats, de afschaffing van de overwegen (afkorting : O.W.) ter sprake. Zo zal, b.v., bij de elektrificatie van de lijn 96, Brussel-Bergen, het aantal O.W. van 59 tot 28 worden herleid. De gegevens van het probleem zijn duidelijk : het drukker verkeer en de grotere snelheid, zowel op het spoor als op de weg, hebben het gevaar voor ongevallen aan de overwegen aanzienlijk doen toenemen. Er moeten dus (…)
-
Verkerstekens aan de overwegen
10 januari 2008, door RixkeTot nog toe waren de berijdbare overwegen in twee categorieën ingedeeld ; tot de eerste behoorden de overwegen die voorzien waren van slagbomen welke door een barreelwachter bediend werden; al de andere overwegen waren in de tweede categorie ondergebracht. Het Ministerie van Verkeerswezen heeft zo pas besloten de bepalingen dienaangaande te verbeteren door de overwegen voortaan volgens de aard van hun verkeerstekens te klasseren.
Die reglementering is het voorwerp van een nieuw koninklijk (…) -
De versiering van onze diesel
9 januari 2008, door RixkeWaar schildering en veiligheid hand aan hand gaan...
De aantrekkelijke versiering van onze diesel locomotieven bezorgt hun een vertrouwd uiterlijk. De bedoeling is echter niet enkel ze in een mooi kleedje te steken; de hoofdbekommernis is ze van «veillgheidsstrepen» te voorzien. Deze laatste zijn evenwel derwijze aangebracht dat ze de sierlijke lijn van de locomotief nog meer doen uitkomen.
Het freem, de draaistellen, de batterijen, de reservoirs en de bufferbalken zijn in ’t zwart (…) -
La décoration de nos diesels
9 janvier 2008, par RixkeQuand peinture signifie sécurité...
La décoration attrayante de nos locomotives diesel leur confère un petit « air de famille ». Mais le but recherché ne consiste pas seulement à les rendre agréables à l’œil, car il s’agit avant tout de « bandes de visibilité ». Toutefois, celles-ci sont disposées de manière à compléter harmonieusement la ligne de la locomotive.
Le châssis, les bogies, les batteries, les réservoirs et les traverses de tête sont peints en noir ; le toit est noir « (…) -
Les « cousines » de nos 204
9 janvier 2008, par RixkeLe touriste belge, amateur de choses ferroviaires, voyageant en Norvège a l’agréable surprise de rencontrer des locomotives diesel presque identiques à nos CC types 202 et 204. Ces belles machines sont construites en Suède, par NOHAB.
Le constructeur suédois et le constructeur belge, tous deux licenciés de General Motors, ont dessiné, de concert avec cette firme, une carrosserie inspirée par celle des « Road Passengers » américaines.
Si la caisse de la machine suédoise est sensiblement (…) -
Les locomotives diesel-électriques types 210 et 212
9 janvier 2008, par RixkeLes locomotives faisant partie de la première phase de « diésélisation » du réseau avaient une puissance légèrement inférieure à 2.000 ch. Si la deuxième phase comporte encore des engins semblables , elle voit aussi la naissance d’une génération de locomotives de puissance plus réduite, toujours à transmission électrique, dont la mission sera comparable à celle qui avait été confiée aux locomotives à vapeur de puissance moyenne. Ce sont vraiment des engins « à tout remorquer », depuis le (…)
-
De Dieselelektrische locomotieven type 200 en 205
9 januari 2008, door RixkeEen park van 229 krachtige locomotieven.
In januari 1957 - wat gaan de jaren vlug voorbij! -, gaf «Het Spoor», in een uitgebreid artikel, een beschrijving van onze eerste krachtige baandiesellocomotieven die tien jaar geleden werden besteld. Laten wij hier in herinnering brengen dat ons park aanvankelijk was samengesteld uit 40 dieselelektrische locomotieven CC, type 202, 203 en 204 «Anglo-Franco-Belge» en uit 54 dieselelektrische locomotieven «BB», type 201 «Cockerill». Met die machines (…) -
Les locomotives Diesel-électriques types 200 et 205
9 janvier 2008, par RixkeUn parc de 229 locomotives puissantes.
En janvier 1957 - comme le temps passe ! -, « Le Rail » présentait, dans un copieux article, nos premières locomotives diesel de ligne de grande puissance, commandées il y a dix ans déjà. Notre parc initial était composé, rappelons-le, de 40 locomotives diesel électriques CC, des types 202, 203 et 204 « Anglo-Franco-Belge » et de 54 locomotives diesel-électriques « BB » du type 201 « Cockerill ». C’est avec ces engins que notre réseau fut un des (…)
Rixke Rail’s Archives