Homepagina > Het Spoor > Technieken > De cybernetica in dienst van de spoorwegen

De cybernetica in dienst van de spoorwegen

(Uittreksel uit een artikel van Louis Armand.)

maandag 15 juli 2024, door Rixke

Alle versies van dit artikel: [français] [Nederlands]

Het idee om de cybernetica bij de spoorwegen toe te passen werd aanvankelijk nog al sceptisch onthaald. Wegens hun strenge exploitatievoorschriften zijn de spoorwegen zelf al een symbool van precisie, en deze „cybernetisering” bleek voor velen als het ware omgeven met een waas van onnauwkeurigheid, zowel wat de haar op te leggen taken als de modaliteiten van de te nemen koerswijziging betreft...

Ondanks deze sceptische geluiden, zagen voorstanders de cybernetica als een middel om een ingrijpende wijziging in de principes van de bedrijfsvoering tot stand te brengen, vooral omdat de spoorwegen uiteraard bijzonder geschikt zijn voor de toepassing van nieuwe mogelijkheden die de mechanische administratie biedt...

Met behulp van computers zou de leiding van de spoorwegen 80.000 km spoorwegnet kunnen overzien met dezelfde alwetendheid als die van de eigenaars van een miniatuurbaantje...

In de praktijk had een aantal spoorwegondernemingen het vrijwel onbegrensde geheugen van de elektronische machines al ingeschakeld voor de verwerking van de gegevens die betrekking hadden op de salariëring van het personeel. De machines werden ook gebruikt bij proefnemingen op het gebied van plaatsreservering, automatische treinbesturing en bij het uitstippelen van de rijtijden op enkelsporige baanvakken...

Ongetwijfeld zijn de verwezenlijkingen op spoorweggebied in de ogen van de leek tot nog toe niet zo spectaculair als die welke in andere domeinen geboekt werden, bijv. de geleiding van kunstsatellieten...

Dergelijke omvangrijke verwezenlijkingen buiten de spoorweg waren een aansporing te meer voor de voorstanders van de spoorwegcybernetica, waarvan men in een nabije toekomst terecht mag verwachten dat ze het aanschijn van onze ondernemingen grondig zal veranderen. De opkomst van nieuwe disciplines welke deze grondige evolutie met zich brengt, vereist, meer dan ooit, de samenbundeling van de opgedane kennis en het zoeken naar gemeenschappelijke normen voor alle netten. Die dwingende noodzaak wordt evenwel verlicht door het feit dat de spoorwegnetten niet tegenover elkaar staan als concurrenten maar als deelgenoten aan een gemeenschappelijke zaak. Een lastig punt voor de technici in ons werelddeel is het grote aantal spoorwegmaatschappijen. Een veel groter aantal dan in Amerika, Canada en Rusland, waar enorme nationale spoorwegnetten bestaan, of Japan, waar het spoorwegnet aan alle kanten door de zee wordt begrensd. De werkzaamheden van de ordinatoren, vooral van die welke de loop van de goederenwagons en binnenkort ook die van de containers moeten gaan volgen, zullen zich tot ver over de grenzen van het eigen land uitstrekken, waardoor thans reeds het kapitaal belang van een nauwe samenwerking en van een ver doorgevoerde normalisering aan het licht treedt.

De spoorwegen hebben altijd een actieve rol gespeeld bij de revoluties die zich in de loop van de laatste 150 jaren in de industrie op het gebied van het energieverbruik hebben voorgedaan. Na de stoom, schakelde men over op elektriciteit en aardolie. Ook in de revolutie van de ordinatoren hebben de spoorwegen een rol te vervullen die des te belangrijker is omdat die revolutie niet zoals in de voorgaande gevallen uitsluitend een tractieprobleem betreft, maar diep ingrijpt in het wezen, de bedrijfsvoering en de ontwikkeling van de spoorwegen.

Het is overigens tekenend, en tegelijk geruststellend en prettig, te constateren dat de door de cybernetica geboden mogelijkheden op spoorweggebied niet alleen de vervoerspecialisten hebben verbaasd, maar ook buitenstaanders zoals de Amerikaanse journalist G. Burck, die in het tijdschrift „Fortune” schreef:

„Er zijn weinig bedrijven waar het principe, op elk gewenst moment een volledig en rechtstreeks inzicht te hebben in de gang van zaken, beter kan worden toegepast dan bij de spoorwegen. Zonder het zelf te weten, hebben de spoorwegen meer dan honderd jaar voordat men zelf nog maar over”stuurkunde„en automatisering dacht, deze begrippen in hun bedrijf tot uiting gebracht door met voertuigen over een ijzeren baan te gaan rijden. Deze samenvoeging van wiel en rail biedt nog steeds de mogelijkheid één ton goederen over één kilometer te verplaatsen bij een energieverbruik dat lager ligt dan dat van welk ander vervoermiddel ook. Men kan de mogelijkheden van met behulp van computers bestuurde spoorwegen vergelijken met een miniatuurbaantje in de kelder van een huis. Op elk gewenst ogenblik heeft degene die de knoppen bedient een volledig en rechtstreeks inzicht in de gang van zaken; hij ziet alles, kent alles en besluit over alles. Met behulp van computers zou de leiding van de spoorwegen 80.000 km spoorwegnet kunnen overzien met dezelfde alwetendheid als die van de eigenaars van een miniatuurbaantje...”


Bron: Het Spoor, maart 1968